Waarom miljardeninvestering in industrie die CO2-uitstoot vergroot?

De Antwerpse plannen van Ineos: investeren in een plasticindustrie zonder toekomst

PxHere (CC0)

 

De geplande miljardeninvestering van petrochemiereus Ineos in de Antwerpse haven blijft omstreden. Welke plaats heeft een nieuwe installatie voor de productie van basisplastics in de beloofde circulaire economie? En hoe passen zulke nieuwe fabrieken bij het Europese voornemen om de CO2-uitstoot tegen 2050 aan banden te leggen?

Chemieconcern Ineos plant onder de naam ‘Project One’ al langer een nieuwe site in de Antwerpse haven, voor een ethaankraker en propaaninstallatie. Eind september kreeg het bedrijf voor die plannen een ‘voorwaardelijk gunstig’ advies in het beroepsdossier over de omgevingsvergunning. Ten laatste 29 oktober moet ook Vlaams minister van Omgeving Zuhal Demir (N-VA) een beslissing nemen.

Maar de nieuwe chemische site is fel omstreden en getuigt volgens sommigen van weinig toekomstvisie. Verleden weekend nog drong een honderdtal klimaatactivisten onder de naam Ineos Will Fall het terrein van de toekomstige site binnen om het te bezetten.

De actievoerders klagen aan dat ongeveer 55 hectare aan bos moet verdwijnen voor de nieuwe Ineos-site. Maar ook en vooral: dat zowel de grondstof van die fabriek, goedkoop schaliegas geïmporteerd uit de VS, als het eindproduct, kunststoffen om plastic mee te maken, erg vervuilend en klimaatonvriendelijk zijn.

Ineos wil op de Project One-site een gaskraker bouwen om ethaan, een bijproduct van aardgas, af te breken tot ethyleen. Daarnaast wil het er ook een PDH-installatie (propaandehydrogeneratie) zetten om propyleen te produceren. Reactoren voegen die eindproducten, ethyleen en propyleen, dan samen tot kunststoffen: polyethyleen en het stevigere polypropyleen. Die eerste kunststof wordt gebruikt als hoofdonderdeel voor boodschappentassen, flessen en buizen, de laatste wordt gebruikt in onder andere auto-interieurs, tapijten en chipszakjes.

Plastics voor wegwerpverpakkingen

Het grootste deel van de geproduceerde kunststoffen zal dienen voor de productie van wegwerpplastics, menen de actievoerders. Deze basisplastics zijn volgens Ineos ‘bouwstenen voor essentiële chemische producten die deel uitmaken van het dagelijkse leven, zoals in de auto-, bouw-, energie- en medische sector’, zo reageerde het bedrijf op de kritiek van de actievoerders.

De plastics zouden volgens Ineos zelf ook nuttig zijn voor “groene” toepassingen zoals isolatiematerialen en materialen die het brandstofverbruik van auto’s verminderen. Ook Tom Meeuws (sp.a), Antwerps schepen voor Leefmilieu, beweerde vorig jaar nog in De Morgen dat Ineos vooral grondstoffen zal leveren ‘voor andere bedrijven in de haven, zoals Bayer en BASF’, en niet ‘om plastic zakjes te maken.’

Maar Ineos minimaliseert bewust dat een groot deel van de basisplastics die het wil produceren zal dienen voor wegwerpverpakkingen, zegt Olivier Beys, expert en woordvoerder circulaire economie voor de Bond Beter Leefmilieu. Hij verwijst naar cijfers van PlasticsEurope, de belangengroep van de Europese plastic-industrie, die aangeven dat minstens veertig procent van alle geproduceerde polyethyleen en polypropyleen terechtkomt in wegwerpverpakkingen.

Flickr / Colin Baird (CC BY 2.0)

Een tanker van Ineos voor het vervoer van vloeibaar aardgas (LNG). De installaties in Antwerpen zullen ook gebruikmaken van grondstoffen voor ethaan- en propaangas, die voornamelijk uit de VS worden ingevoerd met dit soort schepen.

Ineos beseft dat de productie van plastic tegenwoordig in een slecht daglicht staat en trekt daarom de groene kaart bij de verdediging van de Project One-site. Volgens het bedrijf zullen de nieuwe installaties minder dan de helft CO2 uitstoten dan de huidige vergelijkbare installaties in Europa en zullen ze ook een pak efficiënter zijn. De chemiereus beweert dat daarmee de lat hoger ook hoger gelegd wordt voor andere, meer vervuilende installaties, zodat die laatste van de markt zullen verdwijnen.

Ook dat argument houdt volgens Beys weinig steek. Anders dan in de energiesector, waar hernieuwbare energie bijvoorbeeld kolencentrales wegconcurreert, gaat het in de plasticindustrie om zeer geïntegreerde industriële productieketens, waar gigantische infrastructuurinvesteringen achter zitten. ‘Het is niet omdat er een efficiëntere centrale bijkomt,’ zo verduidelijkt Beys, ‘dat anderen op korte termijn zullen stoppen met produceren.’

‘Wat er wel zal gebeuren, is dat de prijs van plastic zal dalen en dat de markt gewoon nog groter zal worden.’

Steeds meer plasticproductie

De markt is dus al oververzadigd, en de plannen van Ineos zouden nog eens voor extra productiecapaciteit zorgen. De Financial Times sprak in een artikel begin dit jaar nog over een ‘overschot aan materiaal dat op de wereldmarkten wordt gespuwd’.

De auteur van het artikel wees er ook op het verschil tussen de inputkosten en de verkoopprijzen voor plasticproducenten daalt. Dat wijst erop dat plastic produceren minder winstgevend wordt. Ter illustratie: voor polyethyleen met een hoge dichtheid zijn de winstmarges van producenten in de Verenigde Staten bijna gehalveerd na het bereiken van een piek in 2017.

Dit alles schrikt Ineos niet af, en het bedrijf is niet het enige met die houding. Ook ExxonMobil, Shell en andere spelers gespecialiseerd in fossiele brandstoffen gebruiken de aanhoudende boom in schaliegas om massaal te investeren in gelijkaardige projecten.

In de VS werden in de afgelopen twee jaar nieuwe productiefaciliteiten gebouwd met een capaciteit van 7,5 miljoen ton ethyleen. Verwacht wordt dat tegen 2022 daar nog eens 7 miljoen ton bijkomt. Ook in Azië, voornamelijk in China, blijft men investeren in nieuwe ethyleencapaciteit. Het zou in de volgende twee jaar om een toename van 22 miljoen ton gaan.

Dichter bij ons plant Rusland een nieuw complex aan de Finse Golf, met twee ethyleenkrakers en zes installaties voor het produceren van polyethyleen.

De olie- en petrochemische industrie gokt dus op de groeiende vraag naar plastics, onder meer door de stijgende levensstandaard in ontwikkelingslanden. British Petroleum (BP) voorspelt bijvoorbeeld dat de vraag naar plastic tegen 2040 tot wel 95 procent zal uitmaken van de totale groei van de vraag naar olie. Ook het Internationaal Energieagentschap (IEA) ziet in kunststoffen de grootste component van de verwachte groei van de olievraag, goed voor 45 procent tegen 2040.

Het zijn dit soort prognoses die de industrie gebruikt om miljarden aan nieuwe projecten te rechtvaardigen.

Beperkingen op gebruik van plastic

Maar een nieuw rapport dat vorige maand werd uitgebracht door de financiële denktank Carbon Tracker stelt zich ernstige vragen bij dit toekomstbeeld. Plastic is volgens het rapport verre van een betrouwbare groeibron. Onder publieke druk nemen grote consumentenmerken zoals Unilever steeds meer maatregelen om de hoeveelheid gerecycleerd materiaal in hun verpakkingen te vergroten, of om over te schakelen op andere materialen zoals karton of glas.

Ook op beleidsvlak zijn er grote veranderingen op komst. Zowel in Europa als in China, beiden grote markten voor kunststof, worden steeds meer maatregelen genomen om plasticafval in te perken. Recent stemde de EU nog in met een nieuwe belasting op plastic verpakkingsafval vanaf januari 2021, in het kader van een herstelpakket om de economische gevolgen van de pandemie tegen te gaan.

Vanaf 2021 geldt er in de Europese Unie ook een verbod op een groot aantal artikelen gemaakt van wegwerpplastic, zoals borden, bestek, rietjes en wattenstaafjes. De EU-lidstaten moeten bovendien tegen 2029 negentig procent van alle plastic flessen inzamelen. Diezelfde flessen moeten tegen 2025 bestaan uit ten minste 25 procent gerecycleerd plastic, een percentage dat tegen 2030 moet oplopen tot 30 procent.

‘Het is waanzinnig dat de plasticindustrie haar koolstofuitstoot wil verdubbelen op het moment dat de rest van de wereld probeert die uitstoot tot nul te beperken.’

In China werd tot voor kort meer dan de helft van ‘s werelds plastic afval geïmporteerd en verwerkt, maar het land verbood in 2018 de invoer van het grootste deel daarvan. China voerde recent ook beperkingen in op producten zoals wegwerpzakjes en niet-afbreekbare draagtassen, plastic rietjes en verpakkingen voor online bestellingen. Deze beperkingen zouden een invloed hebben op naar schatting 9,4 procent van de totale Chinese vraag naar polyethyleen in 2019.

Door de toenemende druk om het gebruik van plastics te beperken, zo zeggen de auteurs van het Carbon Tracker-rapport, kan de vraag naar nieuwe plastics krimpen: van vier procent per jaar tot minder dan één procent, met wel nog een hoogtepunt in 2027. ‘Verwijder die plastic zuil die de toekomst van de olie-industrie ondersteunt en het hele verhaal over de stijgende vraag naar olie stort in’, stelt het rapport.

Een ander cruciaal element dat het rooskleurige toekomstbeeld van de petrochemische sector in twijfel trekt, zijn de effecten van de wereldwijde beleidsmaatregelen om de CO2-uitstoot aan te pakken.

Koolstofdioxide komt vrij bij elke fase van de waardeketen van plastic. Niet alleen bij de winning van olie en bij het productieproces, maar ook als plastic wordt verbrand, begraven of gerecycleerd. Uit de analyse van Carbon Tracker blijkt dan ook dat voor de productie van plastic ongeveer twee keer zoveel CO2 wordt uitgestoten als voor de productie van een ton olie.

Als de vraag naar plastic zou groeien zoals de sector verwacht, dan zou de jaarlijkse CO2-uitstoot die daarmee gepaard gaat tegen 2050 verdubbelen tot ongeveer 3,5 gigaton. Een uitstoot die op dat moment 19 procent van het gehele resterende wereldwijde koolstofbudget zou gebruiken. ‘Het is simpelweg waanzinnig dat de plasticindustrie denkt dat ze haar koolstofuitstoot kan verdubbelen op hetzelfde moment dat de rest van de wereld probeert om deze tot nul te reduceren’, stelt het rapport.

Alf van Beem (public domain)

Een andere site van chemiereus Ineos in de Antwerpse Haven: de fenolfabriek in Beveren.

Nieuw plastic in een economie zonder uitstoot?

Merkwaardig dus dat de stad Antwerpen en de Vlaamse regering net nu alles uit de kast halen om de nieuwe Ineos-fabriek binnen te halen.

Als de markt voor nieuw plastic groter wordt, zal de prijs van nieuwe plastics bovendien nog meer onder druk komen te staan in vergelijking met de prijs van gerecycleerd plastic. En dat is een ramp voor de circulaire economie, die zowel Antwerpen, Vlaanderen als de Europese Unie zeggen als streefdoel te zien.

Het verschil tussen de prijs voor nieuw en voor gerecycleerd plastic stijgt al een tijdje, en die trend heeft veel te maken met de dalende prijzen voor de grondstoffen van nieuwe plastics, olie en gas. Maar ‘de prijs van recycleren,’ zo schrijven drie leden van het Vlaams onderzoeksplatform Capture, ‘blijft hoog en is eerder afhankelijk van de kosten voor inzameling, sortering en verwerking tot plastic pellets.’

De coronacrisis heeft het prijsverschil nog sneller doen toenemen. Doordat de economie trager groeide, daalde de vraag naar olie en kelderde ook de prijs. Door de coronacrisis was er ook een wereldwijde stormloop naar plastic, met een grote vraag naar wegwerphandschoenen, verpakkingen voor afhaalmaaltijden en inpakfolie voor online winkelen. Maar de vraag naar gerecycleerd verpakkingsmateriaal van Europese bedrijven daalde in het tweede kwartaal van 2020 wel met twintig tot dertig procent ten opzichte van vorig jaar.

Het onderzoeksplatform Capture meent dat een sterke en competitieve recyclingindustrie nodig is om naar een echt circulaire economie te gaan. Volgens het platform is er dringend actie nodig om deze sector te ondersteunen. ‘Niet olie maar de opgebouwde hoeveelheid plastics in onze maatschappij moeten de grondstof vormen voor nieuwe plastics.’

De schaarse ruimte in het Antwerpse havengebied kan beter gebruikt worden voor investeringen in de recyclage-industrie, vindt ook Olivier Beys van Bond Beter Leefmilieu. ‘Binnen een een toekomstgericht transitiekader, voor een klimaatneutrale en circulaire economie. Dat ontbreekt vandaag nog op zowel Vlaams als federaal niveau, ondanks alle verklaringen en goede voornemens.’

Update 15 oktober 2020

Bijna 70 internationale organisaties, ngo’s, netwerken en verenigingen ondertekenden een open brief gericht aan Vlaams minister van Omgeving en Energie Zuhal Demir om bezwaar te maken tegen zowel het ontbossingsverzoek als de vergunning voor de PDH-installatie en de ethaankraker.

Onder de ondertekenaars bevinden zich Food & Water Action Europe, #BreakFreeFromPlastic, de Rethink Plastic Alliance, Friends of the Earth Europe, Ierland en Schotland, Fractracker Alliance, UK Youth Climate Coalition, Zero Waste Europe, Carbon Market Watch, Physicians for Social Responsibility Pennsylvania en leden van de #IneosWillFall-campagne.

 

Correctie

Aanvankelijk vermeldde dit artikel een foutieve eenheid bij de cijfers over de nieuwe productiefaciliteiten en stond er ‘7,5 miljoen megaton’, ‘7 miljoen megaton’ en ‘22 miljoen megaton’ in plaats van het correcte ‘miljoen ton’. Intussen zijn de juiste eenheden vermeld.

Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Wil je dat MO* dit soort verhalen blijft brengen?
Steun ons en word proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift. 2916   proMO*’s steunen ons vandaag al.

Word proMO* of Doe een gift