Steeds meer landen doen straffere klimaatbeloften voor 2050

Wordt India klimaatleider? ‘Het zal zijn doelstellingen voor Parijs ruim overschrijden’

CC0

India levert op die manier ‘een eerlijke bijdrage aan de globale inspanning die in verhouding is tot zijn verantwoordelijkheid en capaciteit’, aldus Climate Action Tracker.

De gevolgen van de klimaatcrisis worden globaal voor meer en meer mensen voelbaar. Misschien maken landen daarom straffere klimaatbeloftes voor 2050. Maar alleen India is op weg om de doelstellingen uit klimaatakkoord van Parijs, vijf jaar geleden, te halen. Is India op weg om een klimaatleider te worden?

Een jaar geleden zag het er op de klimaattop in Madrid allemaal nogal treurig uit: geen vooruitgang, nauwelijks nieuwe engagementen. Alleen de Europese Unie, die negen procent van de mondiale uitstoot vertegenwoordigt, gaf toen al aan dat ze voor een Green Deal ging en tegen 2050 klimaatneutraal wilde zijn.

De coronacrisis gaf dat Europese engagement vervolgens nog een duw. Na vier dagen onderhandelen in Brussel keurden de Europese leiders deze zomer het EU-herstelfonds goed. Dat moet de Europese economie uit het coronaslop halen, maar niet door in eender wat te investeren. Maar liefst 277 miljard euro (37 procent) van het totale fonds van 750 miljard euro zal gaan naar klimaatinvesteringen. Of hoe corona een hefboom kan zijn in de klimaatstrijd.

Blijf op de hoogte

Schrijf je in op onze nieuwsbrieven en blijf op de hoogte van het mondiale nieuws

In september kondigde vervolgens ook China aan dat het tegen 2060 klimaatneutraal wilde zijn. Het land is verantwoordelijk voor meer dan een kwart van de mondiale emissies. Bovendien is het een enorme stap voor een land met een inkomen per hoofd dat nog niet de helft van het Belgische bedraagt, en dat de helft van zijn energie uit het erg vervuilende steenkool haalt.

Let wel, die inspanning zal er een met omwegen zijn: verschillende Chinese provincies bouwden in 2020 nieuwe kolencentrales. Er wordt geschat dat er dit jaar voor 40 gigawatt aan kolencentrales met navenante CO2-uitstoot bij komt. China staat dus voor een immense opdracht, maar doorgaans realiseert het zijn beloften – dikwijls zelfs voortijdig.

Eind oktober deelde de Japanse premier Yoshihide Suga mee dat ook zijn land tegen 2050 klimaatneutraal wilde zijn. Hij voegde eraan toe dat die inspanning geen rem is op de economie, maar net heel wat banen zou scheppen. Enkele dagen later volgde Zuid-Korea met eenzelfde belofte.

Tot slot was er, begin november, de turbulente verkiezing van Joe Biden tot 46ste president van de Verenigde Staten. Biden belooft eveneens een soort ‘Green Deal’, inclusief enorme investeringen in groene energie, isolatie van gebouwen, waterstofinfrastructuur enzovoort. Hij wil dat de VS tegen 2050 klimaatneutraal zijn.

De VS zijn goed voor veertien procent van de mondiale uitstoot en blijven een formidabele economische en technologische macht. Het land kan een groot verschil maken in de strijd tegen klimaatverandering, ook al wordt Bidens slagkracht beperkter als hij geen meerderheid heeft in de senaat.

Doelstellingen van Parijs in zicht?

Landen verantwoordelijk voor 60 procent van ‘s werelds uitstoot beloven dat die er in 2050 niet meer zal zijn.

Wat bij deze goede klimaatintenties steeds vaker meespeelt, is de strategische rol van groene technologie en groene economie. Zo liet Japan al verstaan dat het tijdig in actie wil schieten. Het land wil bijvoorbeeld voorkomen dat globale groene standaarden, bepaald door de EU, zijn populaire hybride wagens zouden uitsluiten.

Heel wat landen beseffen bovendien dat de klimaatstrijd veel banen kan scheppen. De groene sector is een groeisector waarin ze graag leidende ondernemingen hebben. Daarnaast investeren ook private beleggers massaal in groene economie: aandelen zoals Tesla of NextEra (een Amerikaanse producent van hernieuwbare energie, red.) doen het op de beurs veel beter dan de olieaandelen. Kortom, de tanker van de economie keert langzaam.

Met die opeenvolgende beloftes verklaarden landen die samen verantwoordelijk zijn voor bijna 60 procent van ’s werelds uitstoot van broeikasgassen dat ze hun emissies over dertig jaar zullen doen verdwijnen.

Climate Action Tracker (CAT), een denktank die de emissies van alle grote uitstoters en een aantal kleinere landen op de voet volgt, berekende dat we zo tegen het einde van deze eeuw kunnen landen met een temperatuurstijging van 2,1 graden Celsius. Dat is niet zo ver verwijderd van de doelstellingen van het klimaatakkoord van Parijs (2015), dat op 12 december vijf kaarsen uitblaast.

Peter Wittoeck, sinds vele jaren hoofd van de Belgische klimaatdelegatie, geeft liever geen commentaar bij de inschatting van de CAT. Niettemin vindt hij de aankondigingen van de betrokken landen bijzonder hoopgevend. ‘In de eerste plaats voor het klimaat zelf natuurlijk, maar ook voor de legitimiteit van het klimaatakkoord van Parijs.’

‘Het is daarom ook een goede basis voor verdere onderhandelingen in aanloop naar COP26, de klimaattop in Glasgow, eind 2021. Daar staan nog wel andere zaken op de agenda: de afspraak van nieuwe regels voor de koolstofmarkt die de ambities moeten steunen in plaats van ze te ondergraven, of de onderhandelingen over nieuwe langetermijndoelstellingen voor internationale klimaatfinanciering, om er twee te noemen.’

‘De beloftes scheppen een positieve dynamiek voor de volgende klimaattop.’

Ook Wendel Trio van de ngo Climate Action Network-Europe is positief. ‘De situatie ziet er beter uit dan een jaar geleden. Niet alleen door de inhoud van de nieuwe aankondigingen, maar ook door de positieve dynamiek die ze creëren. Ik maak graag de vergelijking met de aanloop naar de top in Parijs. Ook toen voelde plots iedereen de noodzaak om beloftes te maken.’

‘Een temperatuurstijging van 2,1 graden Celsius is nog niet in lijn met het Parijs-akkoord. Dat zegt: “Goed onder 2 graden”. Laat staan dat we in de buurt komen van anderhalve graad: de rampen van de voorbije jaren tonen steeds duidelijker dat 1,5 graden temperatuurstijging de absolute bovengrens is.’

Wat betekent dat concreet?

Hoe concreet alle beloftes worden, kan dit weekend al blijken. Zaterdag 12 december, exact vijf jaar nadat het klimaatakkoord van Parijs getekend werd, vindt de Climate Ambition Summit plaats. Nog voor de formele deadline van eind 2020 verstreken is, kunnen landen daar hun nieuwe nationally determined contributions (nationaal bepaalde klimaatbijdragen of NDC’s) indienen.

In die NDC’s moeten de bijdragen die landen willen maken – wat betreft de beperking van emissies, aanpassing aan klimaatverandering of internationale klimaatfinanciering — concreter worden gemaakt.

Cruciaal blijft immers wat er de komende jaren gebeurt. Beloftes voor 2050 zijn mooi, maar het komende decennium moet de wereld vol aan de bak. Anders worden immers ook die doelen voor 2050 onhaalbaar.

De EU wil in principe op de top van 10 en 11 december de belofte officieel maken om tegen 2030 haar emissies met 55 procent te verminderen. Maar lukt dat ook? Op de top staan twee andere loodzware agendapunten.

Ten eerste het al dan niet sluiten van een Brexitdeal. Ten tweede het conflict met Polen en Hongarije over het recht van de EU om Europese geldstromen te laten afhangen van het respect voor democratische principes. Polen en Hongarije verzetten zich daartegen en blokkeerden met het oog daarop de begroting 2021-28 en het EU-herstelfonds. Dat financiert op zijn beurt mee de Green Deal.

Beloftes voor 2050 zijn mooi, maar het komende decennium moet de wereld vol aan de bak.

India maakt klimaatbeloftes waar

Relatief goed nieuws komt er uit India. Dat is opmerkelijk. Het land komt weinig in het nieuws als klimaatleider, zeker omdat de vervuiling in zijn grote steden alle records breekt.

Toch is India de enige grote uitstoter (met zes procent de op twee na grootste uitstoter, na de VS en China) waarvan het beleid volgens de denktank Climate Action Tracker overeenkomt met een temperatuurstijging van 2 graden Celsius. Alle andere grote uitstoters doen slechter.

De reden is dat India zijn klimaatbeloftes meer dan waarmaakt, terwijl de uitstoot per hoofd er nog geen twee ton CO2 bedraagt. Vergelijk: in België is dat 9,1 ton. India blijft bovendien een ontwikkelingsland met een inkomen per hoofd dat niet veel meer bedraagt dan een tiende van het Belgische inkomen.

Toch zal India de doelstellingen van zijn nationally determined contribution vlot halen, bevestigt Climate Action Tracker. Het land zal voor 2030 de koolstofintensiteit van zijn economie met 33 tot 35 procent hebben verminderd. Het zal dan ook minstens 40 procent van zijn stroom uit niet-fossiele energiebronnen halen.

Ten slotte beloofde India dat het tegen 2030 drie gigaton CO2 zal opslaan in nieuw aangeplante bossen. Ook dat zal lukken, meent Sanjay Vashisht van de ngo Climate Action Netwerk South-Asia. ‘De Indische grondwet schrijft voor dat een derde van het grondgebied uit bos moet bestaan. Dat lukt niet altijd, maar dankzij de klimaatdoelen wordt er harder aan gewerkt.’

Het aanplanten van bomen is bovendien een belangrijk onderdeel van het grote tewerkstellingsproject NREGA (National Rural Employment Guarantee Act). Dat geeft alle Indiërs op het platteland het recht op minstens 100 dagen werk tegen het minimumloon. Op die manier stelt het project miljoenen mensen tewerk.

Dat meent ook Jean Drèze, de Belgisch-Indiase econoom die al decennia in India werkt en een van de grondleggers is van het project: ‘NREGA speelt een vitale rol als sociaal vangnet in de coronacrisis. Mensen verloren hun werk in de stad en konden bij terugkeer in hun dorp werk eisen. Naast de aanleg van wegen of dammen was het planten van bomen altijd al een van de klassieke onderdelen van NREGA. De klimaatcrisis heeft het belang van die aanplanting nog doen toenemen.’

India levert op die manier ‘een eerlijke bijdrage aan de globale inspanning die in verhouding is tot zijn verantwoordelijkheid en capaciteit’, aldus Climate Action Tracker.

Vashisht van Climate Action Netwerk South-Asia benadrukt dat de klimaatuitdaging ernstig wordt genomen in India. ‘Geen enkele politicus van enig gewicht stelt die in vraag. Op een bepaald moment heeft premier Narendra Modi wel twijfel gezaaid door te zeggen dat mensen klagen over klimaatverandering, omdat ze zelf veranderd zijn. Hij is daar later op teruggekomen. Onlangs werd een klimaattaskforce samengesteld waarin alle topambtenaren van relevante ministeries zetelen.’

De reden voor die ernst is onder meer dat de klimaatverandering zich steeds meer laat gevoelen in India, verklaart Vashisht. ‘Cyclonen komen steeds vaker voor, net als overstromingen én droogtes. Het probleem is dat er te veel neerslag valt in een te korte tijd. Dat leidt tot allerlei grote problemen. Zo publiceren wij binnenkort een studie over de migratiestromen, die het gevolg zijn van droogte en riviererosie.’

Koploper in hernieuwbare energie

Intussen staat India in de top vijf van de productie van zonne- en windenergie. De productie van hernieuwbare energie nam de voorbije jaren sterk toe in India. Toch wordt het een hele uitdaging om steenkool terug te dringen. Momenteel blijft deze vervuilende brandstof de voornaamste energiebron van het land.

Vashisht: ‘Recent werd ’s werelds grootste steenkoolmijn ontdekt in India. Het plan is om die te exploiteren. Miljoenen mensen werken in die sector, formeel en informeel. Nogal wat mensen leven bijvoorbeeld van de verkoop van de brokken steenkool die van de vrachtwagens vallen. Al die mensen moeten een alternatief aangereikt krijgen.’

Klimaatverandering heeft dus ook in India een heel belangrijke sociale dimensie: veel kwetsbare mensen leven immers van de fossiele sector.

Nog scherpere ambities

Dat belet niet dat het in India hard gaat met de hernieuwbare sector. Tegen 2022 wil India 160 gigawatt zonne-energie (100), windenergie (50) en miniwaterkracht (10) realiseren. Tegen 2030 moet er nog eens 450 gigawatt bij komen. ‘Daarmee zal India zijn doelstellingen voor Parijs ruim overschrijden. Sinds 2018 investeert het meer in zonne-energie dan in steenkool,’ aldus Leonardo Nascimento van Climate Action Tracker.

Vashisht ziet veel potentieel voor India om zijn ambities nog scherper te stellen. ‘Voorwaarde is dat de wereld het land bijstaat met investeringen en technologietransfers.’ Steenkool is in India niet langer goedkoper dan zonnekracht. Alleen beschikt India nog niet over een ‘slim’ stroomnet dat weet om te gaan met de sterke productieschommelingen die eigen zijn aan zonne- en windenergie.

Vashisht: ‘Europa zou hierbij een rol kunnen spelen als investeerder. Ook wil India minder afhankelijk worden van China voor de productie van zonnepanelen. Het wil zelf veel meer zonnepanelen produceren dan zijn huidige, al bij al bescheiden, productiecapaciteit van 3 gigawatt per jaar.’

Europa kan India helpen om een klimaatleider te worden.

Volgens Climate Action Tracker kan een snelle uitstap uit steenkool van India een wereldleider maken met een klimaatbeleid dat overeenstemt met een temperatuurstijging van 1,5 graad.

‘Voorwaarde is wel dat India afstand doet van zijn geplande investeringen in steenkoolcentrales. Die investeringen zouden nog oplopen van de huidige 200 gigawatt (of elf procent van de wereldwijde capaciteit) tot 300 gigawatt. De uitstoot zou tegen 2030 nog stijgen met 25 procent. Dat is niet in overeenstemming met Parijs. Het is daarom wenselijk dat de steenkoolcentrales tegen 2040 dichtgaan.’

Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Steun ons en word proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift. 3142   proMO*’s steunen ons vandaag al. 

Word proMO* of Doe een gift

Over de auteur